De bodem van het bekken bestaat uit steun- en spierweefsel. De bekkenbodemspieren, die uit verschillende spierlagen bestaat, lijkt op een trampoline. De spieren hangen in de bekkenuitgang; aan de voorkant aan het schaambeen en aan de achterkant aan het staartbeen. Door deze spier lopen drie uitgangen: de anus, de schede(vagina) en de plasbuis. In rust hebben de bekkenbodemspieren een lichte spanning om continent te zijn en om de organen te ondersteunen.